pieter van bogaert
pieter@amarona.be

 

 

Het gewicht van de blik

Bart Michiels' Course of History

een bijdrage voor FotoMuseumMagazine (2007)

 

 

Goed zeventien jaar geleden ruilde Bart Michiels België voor New York. In de VS fotografeert hij impressionante landschappen, liefst in reeksen. Soms staan monumentale bouwwerken centraal, soms speelt het landschap zelf de hoofdrol. Meestal zijn de foto's indrukwekkend: wijds, groots en ambitieus zoals het land zelf.

Sinds 2001 fotografeert Bart Michiels voornamelijk buiten de VS. Een verschuiving in zijn werk die nog versterkt na de gebeurtenissen van 11 september. Op slechts enkele blokken van zijn flat in New York hebben twee vliegtuigen een afspraak met de geschiedenis. Ze confronteren de Amerikanen op een brutale manier met de kwetsbaarheid van hun indrukwekkende gebouwen, hun indrukwekkende levens en hun indrukwekkende landschappen. Het is een tijd van inkeer en reflectie voor de inwoners van New York; een tijd van actie en initiatief voor de Amerikaanse president. Als de VS ten oorlog trekt, trekt Bart Michiels naar Europa, geleid door de grootse geschiedenis van het oude continent.

Terwijl de Amerikanen op tv kijken naar de oorlog tegen de terreur, zoekt Bart Michiels in Europa naar de terreur van de oorlog. Het begint in de streek van zijn grootouders. In de poldergrond van Passchendaele, waar negentig jaar geleden Britse en Duitse troepen een afspraak hadden met de geschiedenis voor één van de bloederigste confrontaties uit de eerste wereldoorlog. De zompige kleigrond waarin soldaten sneuvelden, is vandaag opnieuw voor de boeren.

Van Passchendaele gaat het naar Waterloo. Naar Bastogne en Verdun. Naar Omaha Beach, Anzio, Monte Cassino, Gallipoli, Troje, .... Plaatsen met ronkende namen en een groot verleden waar Bart Michiels foto's maakt van de actualiteit. Onspectaculaire beelden, vol sporen niet van de oorlog maar van de boeren (in Passchendaele), van gestoei (in Waterloo), van dieren in de Ardeense sneeuw (Bastogne), het afval van voorbijgangers (in Thermopylae) , of gewoon de zee die alle sporen lijkt uit te vegen (in Lepanto). Of lezen we in die sporen van het nu toch verwijzingen naar het verleden? Naar de tijd dat soldaten door die sneeuw trokken of dat de zee rond Lepanto als een 'mare sanguinoso' rood kleurde van het bloed en niet van de zon.

De horizon is belangrijk in deze reeks, net als het begin en het einde van de dag: een favoriet moment van deze fotograaf, een moment vol belofte. Als de zon laag zit, de nevels komen en gaan en het licht over de grond strijkt. Op de volgende pagina's echter, is de horizon zo goed als verdwenen en kantelt de blik van de fotograaf naar beneden. Een logische reactie, zo lijkt het, op plaatsen die zoveel ontzag afdwingen. In deze foto's wint de grond het van de einder. De zoekende blik wordt gefixeerd. De waas wordt scherp. Het hier wordt nu. De geschiedenis wordt actualiteit.

Dit zijn plaatsen die we allemaal kennen. Plaatsen uit de tijd van Grieken (Thermopylae) of Romeinen (Cannea), uit de middeleeuwen (Poitiers) en de late renaissance (Lepanto), uit de tijd van Napoleon (Waterloo) en meer recente tijden toen oorlogen nog gevoerd werden om land. Deze plaatsen zijn we allemaal ooit gepasseerd, in het echt of in gedachten. Het zijn de namen uit onze schoolboeken, die van de monumenten, van de borden langs de autosnelweg, van punten op een landkaart of momenten op een tijdlijn. Deze foto's maken ze concreet.

Elke oorlog was ooit zo concreet. Bart Michiels schrijft het vervolg. Hij vervolledigt het verhaal van het land. In die zin is dit een geografie van de geschiedenis (en geen geschiedenis van de geografie). Hij neemt het land terug en maakt het opnieuw tot een realiteit. Daarom leiden deze oorlogsfoto's de blik van de dood, van wat geweest is, van wat we weten, opnieuw naar het leven, naar wat is en nog moet komen. Naar die vruchtbare bodem die zich voedt met haar eigen geschiedenis.